Hoe het wél kan
“We kunnen nog niet zonder apen.” Dat wordt vaak gezegd wanneer het gaat over de toekomst van medisch onderzoek en dierproeven die daarvoor gedaan worden. Maar ondertussen werken onderzoekers al met modellen die rechtstreeks zijn gebaseerd op de menselijke biologie.
Naar aanleiding van het verlengen van de subsidie op apenproeven na 2030 (zoals aangekondigd in de brief van OCW-minister Rianne Letschert op 3 juli 2026) doken wij in de huidige stand van de proefdiervrije wetenschap.
Want dat het anders kan, weten wij zeker – en met ons een hele reeks aan onderzoekers die méér resultaat willen zien van medische toepassingen die aanslaan bij de mens in plaats van (wel of niet) in een dier.
Daarom vroegen wij hen: hoe kunnen we onderzoek doen dat proefdiervrij is én de beste resultaten voor de mens behaalt? Wat is er nu al mogelijk als we mensgerichte modellen serieus nemen?
Bas van Balkom, onderzoeker
Onderzoeker Bas van Balkom ontwikkelt in het laboratorium onderzoeksmodellen waarmee hij processen in het menselijk lichaam kan bestuderen.

Interesse in het organisme
“Ik ben bioloog en ik werk al lang in een ziekenhuis als onderzoeker. Wat ik super interessant vind is hoe binnen cellen, en ook binnen organismen, de communicatie plaatsvindt. Dus hoe weet je dat je honger hebt? Hoe weet je dat je moet plassen? Dat is een signaaltje vanuit je hersenen, wat er dan uiteindelijk voor zorgt dat je naar de wc wandelt. Je hebt modellen nodig om dat te kunnen onderzoeken. En die modellen probeer ik in het lab te maken met mijn team.”
“Vroeger heb ik voor dit soort vraagstukken wel dieren gebruikt. Omdat veel processen hetzelfde werken als bij mensen. Maar: heel veel ook niet. En daarom proberen we in het lab met mensgerichte modellen te werken, die de menselijke fysiologie nabootsen.”
“Let wel: een model is altijd maar een model, een vereenvoudigde weergave van de werkelijkheid. Maar door de mens te reduceren tot een combinatie van modellen, kunnen we belangrijke doorbraken en mensrelevante ontdekkingen doen.”
Waarom proefdieren geen geschikte modellen zijn
“Mensen zijn natuurlijk ook gewoon dieren, alleen: een ander soort dier. Een voorbeeld: COVID-19 had in mensen behoorlijke impact, maar onze huisdieren hadden er weinig last van. Dat is een mooie illustratie van hoe een ziekte een ander effect kan hebben op mensen ten opzichte van dieren.”
“Hetzelfde geldt voor chocolade: als we de veiligheid daarvan waren gaan onderzoeken in honden, tja, dan hadden we nu geen chocolade in de supermarkt gehad waarschijnlijk. Dat zijn hele grote verschillen tussen mens en dier, maar het illustreert wel de moeilijkheid van het gebruik van modellen om de menselijke fysiologie na te bootsen.”
“Er is een grote beperking als we van de ene diersoort naar de andere – de mens in dit geval – gaan vertalen.”
Juist daarom is de uitspraak dat we “nog niet zonder dieren kunnen” te makkelijk gezegd. De vraag is niet alleen of een mensgericht model de volledige mens kan nabootsen. Dat kan geen enkel model. De vraag is ook welk model de meest relevante informatie oplevert voor de mens.
Ieder mens is anders
Of het dus handig is om op proefdieren te blijven testen voor het wezenlijk begrijpen van ziekten en processen in het menselijk lichaam, is de vraag. Wat kunnen we volgens Bas van Balkom dan wel doen?
“De menselijke fysiologie nabootsen in het lab. Uitvinden hoe een orgaan of een deel van een orgaan werkt. Onder normale, maar ook onder abnormale ‘zieke’ omstandigheden. We kunnen daarvoor materiaal gebruiken van patiënten.”
“Ik zie dierproeven vaak als technische herhalingen van hetzelfde onderzoek; telkens weer hetzelfde doen, met sterk op elkaar lijkende dieren. Maar ieder mens ziet er anders uit. En niet alleen uiterlijk: we voelen ons anders en leven in een andere omgeving. Er zijn heel veel verschillen tussen ons, terwijl we wel dezelfde soort zijn.”
“Om die verschillen goed in kaart te kunnen brengen, is het denk ik heel belangrijk om van dierproeven af te gaan.”
“Omdat we die menselijke heterogeniteit – de verschillen tussen jou en mij, de buurman en een collega – ook willen onderzoeken. Daarvoor kunnen we een grote slag slaan: zonder dierproeven, gericht op mensen, in het lab.”
Met menselijke modellen kunnen onderzoekers dus beter zien waarom een ziekte of behandeling niet bij iedereen hetzelfde werkt. En dat is niet iets voor later: onderzoekers doen dit nu al.
Enthousiasme voor proefdiervrij onderzoek
Hoe brengen we dit onderzoek verder en op grotere schaal geaccepteerd?
Bas van Balkom: “Door veel proefdiervrij onderzoek te doen en te laten zien dat het belangrijk en relevant is. Waardoor er grotere biobanken beschikbaar komen voor dit soort onderzoek. Je ziet dat er veel programma’s zijn die zich richten op proefdiervrije modellen en benaderingen. Jullie fondsen dragen daar natuurlijk ook aan bij. Er is enthousiasme om dit soort onderzoek te financieren.”
De realisatie dat dieren niet de beste voorbeelden zijn voor de mens, en dat daarom op de mens gerichte modellen ontwikkeld moeten worden, dringt volgens Bas steeds verder door. Ook bij subsidiegevers. “Er worden steeds vaker voorwaarden gesteld zoals: we financieren geen onderzoek met proefdieren of FCS (foetaal kalfsserum). De Brandwondenstichting is daar heel snel mee geweest. Je ziet nu dat dit op meerdere plaatsen voorkomt.”
“En, ook kleinere subsidies kunnen bijdragen aan grote doorbraken. Zoals hoe jullie ons helpen met het verwijderen van FCS uit de workflow. Dat gaat gewoon lukken. Mooi hè?”, besluit onderzoeker Bas van Balkom.
Het gebeurt al
Het onderzoek van Bas van Balkom laat zien dat mensgerichte, proefdiervrije wetenschap niet iets van de toekomst is. Het gebeurt nu al. Met materiaal van patiënten kunnen onderzoekers beter begrijpen hoe het menselijk lichaam werkt en waarom een ziekte of behandeling niet bij iedereen hetzelfde uitpakt. Dat levert kennis op die in onderzoek met proefdieren soms buiten beeld blijft.
We hoeven dus niet alleen te vragen: kunnen we vandaag al helemaal zonder apen? We moeten ook durven vragen: als mensgerichte modellen nu al zoveel mogelijk maken, waarom geven we ze dan niet veel meer ruimte?
De visie van Bas van Balkom
Over Proefdiervrij
Hoe we met dieren omgaan, zegt iets over wie we zijn als samenleving. Zeker als die dieren worden gebruikt in onderzoek dat bedoeld is om mensen beter te maken. Proefdiervrij werkt aan een wereld zonder dierproeven, door mensgerichte, proefdiervrije wetenschap zichtbaar te maken en te versnellen.
Die verandering is al in gang. Steeds vaker worden dierproeven vervangen door mensgerichte modellen die beter laten zien wat er in het menselijk lichaam gebeurt. Toch blijven dierproeven vaak de standaard. Met 2030 als stip op de horizon werken we toe naar een kantelpunt waarin proefdiervrije methoden de norm zijn. Zo helpen we loslaten wat niet meer past en bouwen we aan onderzoek dat mensen helpt, zonder dieren onnodig te gebruiken.
Het is tijd voor menselijkheid. De toekomst is proefdiervrij!
Ontdek meer


