Waarom een verbod op dierproeven niet nodig is (en wat wél werkt)

Niemand wil dat dieren onnodig lijden voor wetenschappelijk onderzoek. Dus waarom worden dierproeven niet gewoon verboden? Die vraag krijgen we vaak. Logisch, want het onderwerp roept veel emotie op. Het goede nieuws: een verbod op dierproeven is helemaal niet nodig. We leggen het uit in dit artikel!

Blijf op de hoogte!

Meld je nu aan voor onze nieuwsbrief en ontvang elke maand het laatste proefdiervrije nieuws.

Dit zegt de Nederlandse wet over dierproeven

In Nederland geldt er een ‘nee, tenzij’- principe. Dit betekent dat dierproeven alleen nog gedaan mogen worden als er écht geen ander alternatief is. De wet biedt dus eigenlijk alle ruimte om proefdiervrij te werken. 

Het probleem zit ‘m in iets anders. Er zijn namelijk al veel proefdiervrije methoden beschikbaar en klaar voor gebruik. Alleen… ze mogen nog niet altijd toegepast worden. Simpelweg omdat ze eerst officieel goedgekeurd moeten worden – en dat proces gaat veel te langzaam.

Daardoor blijven onderzoekers, bedrijven en overheden vaak terugvallen op oude gewoontes: de dierproef. En dat terwijl we de oplossingen al in huis hebben. 

De échte doorbraak zit dus niet in een verbod, maar in versnelling. We moeten zorgen dat proefdiervrije modellen sneller erkend én toegepast worden. Alleen dan maken we dierproeven écht overbodig.

“De sleutel naar verandering ligt daarom niet in het verbieden van dierproeven, maar in het vergroten van het vertrouwen in proefdiervrije methoden. De modellen zijn er, nu is het tijd dat ze écht gebruikt mogen worden. Dat vraagt om lef.”

– Anne Burgers, adviseur wetenschap en innovatie

Anne Burgers

Waarom dierproeven nog steeds gedaan worden

Hoewel de wet al ruimte geeft om zonder dierproeven te werken, blijven ze toch vaak ingezet worden. Dierproeven worden al sinds de Oudheid gebruikt als de standaardmethode om medicijnen en behandelingen te testen. Proefdiervrije alternatieven zijn daarentegen relatief ‘nieuw’. Instanties blijven daarom vertrouwen op wat zij beter kennen, ook al blijkt steeds vaker dat dierproeven niet altijd goed voorspellen hoe een middel op mensen werkt. 

En dat remt ook proefdiervrije innovatie. Het zijn namelijk niet alleen de onderzoekers zelf die moeten kiezen voor een proefdiervrij model. Wetenschappelijke tijdschriften en regelgevende instanties vragen onderzoekers vaak om een dierproef te doen, voordat ze een artikel willen publiceren of een onderzoek willen financieren – ook als het onderzoek al zonder dierproeven is gedaan. 

De echte blokkade: erkenning van proefdiervrije innovaties

De afgelopen jaren zijn er veel innovatieve proefdiervrije modellen ontwikkeld. Maar voordat die breed ingezet mogen worden, moeten ze officieel erkend worden als volwaardig alternatief. Zolang dat proces langzaam gaat, blijven dierproeven vaak als ‘veilige standaard’ overeind. Hier ligt de grootste rem op verandering.

Wat er wel nodig is: versnellen van goedkeuring en toepassing. Als we dierproeven willen vervangen, moeten we zorgen dat proefdiervrije methoden sneller worden geaccepteerd én verplicht ingezet worden als alternatief. Dat vraagt om:

  • snellere officiële beoordeling van nieuwe modellen;
  • aangepaste regelgeving die innovatie de ruimte geeft;
  • meer geld voor ontwikkeling en doorontwikkeling van proefdiervrije alternatieven;
  • en een duidelijk beleid dat proefdiervrij de norm maakt, met hierbij een actieve samenwerking tussen overheid, wetenschap en industrie.
Organoid

Waarom proefdiervrije innovatie beter is voor dier en mens

Proefdiervrije modellen zijn niet alleen beter voor dieren, maar leveren vaak ook betrouwbaardere resultaten op voor mensen. Ze zijn:

  • Beter te vertalen, omdat ze gebaseerd zijn op menselijke biologie
  • Sneller, want veel methodes geven binnen dagen al uitslagen
  • Betrouwbaarder, omdat ze minder variatie hebben dan dierproeven
  • Uiteindelijk ook goedkoper, omdat ze vaak efficiënter en herbruikbaar zijn

Conclusie: niet wachten op een verbod, maar zorgen dat proefdiervrije modellen echt gebruikt worden

De wet staat proefdiervrij werken nu al toe, maar de praktijk blijft achter door stroperige erkenning en het vasthouden aan oude gewoontes in het systeem. Daarom moeten we niet inzetten op het eisen van een verbod, maar op het zorgen dat de alternatieven die er al zijn ook écht gebruikt mogen en durven worden. Alleen zo maken we dierproeven definitief overbodig.

organoids

Wat kun jij doen?

Wil jij helpen om dierproeven zo snel mogelijk overbodig te maken? Dit kan op verschillende manieren:

  • Wees kritisch: koop bewust en vraag naar proefdiervrije producten.
  • Laat je stem horen: steun initiatieven die pleiten voor proefdiervrije vooruitgang.
  • Stem bewust: kies voor partijen die écht willen veranderen.
  • Help ons met je steun om deze beweging te versnellen.