De kat is bijna niet meer weg te denken uit onze huishoudens: in Nederland worden er meer dan 2,5 miljoen katten als huisdier gehouden. Maar de geliefde huistijgers zijn niet alleen in huis en op straat te vinden. Een kat als proefdier in het laboratorium is moeilijk voor te stellen, terwijl er jaarlijks tientallen proeven op katten worden gedaan in Nederland. Waarom en waarvoor, dat lees je hier!

  • Meer dan 60 katten in laboratoria
  • Onderzoek naar dierenwelzijn en voor onderwijs
  • Katten en het coronavirus
  • Proefkatten overbodig in onderwijs dankzij DDC
  • Het adopteren van een ex-proefdier

Tientallen katten in laboratoria

In Nederland zijn er in 2018 maar liefst 120 dierproeven op meer dan 60 katten gedaan. Dit betekent dat een kat waarschijnlijk meer dan 1 dierproef heeft moeten ondergaan.

Waarom een kat als proefdier?

Er zijn verschillende onderzoeken waar een kat als proefdier in wordt gebruikt. Zo wordt onderzoek naar dierenwelzijn, zoals kattenvoeding en kattenvaccins, op katten gedaan.

Maar ook onderzoek naar menselijke aandoeningen gebeurt op katten. Door hun lange levensloop, worden ze bijvoorbeeld gebruikt in onderzoek naar verouderingsprocessen en dementie. Maar ze worden ook ingezet in longonderzoek (bv. astma), hersenonderzoek en in onderzoek naar het locomotorisch stelsel. Bij het laatste wordt de ruggengraat van een kat opzettelijk beschadigd, waardoor katten niet meer op een normale manier kunnen lopen. Vervolgens wordt er gekeken hoe deze schade de werking van hun ledematen beïnvloedt.

Katten en het coronavirus

Eind mei 2020 hoorden we dat katten gebruikt zullen worden in onderzoek naar het coronavirus. Om het verloop van het virus bij katten te onderzoeken, worden er bij drie universiteiten katten ingespoten met het coronavirus*.

Maar katten zijn geen mensen! Wij geloven dat onderzoeksmodellen gebaseerd op mensen het snelst voor een werkzaam vaccin zorgen.

Overleden huiskatten vervangen proefdieren

Sinds een aantal jaar maakt het dierdonorcodicil (DDC) het gebruik van proefdieren in het anatomisch onderwijs overbodig.

Waar proefdieren vroeger speciaal gefokt werden voor dit onderwijs, worden zij nu vervangen door overleden huisdieren. Dankzij het DDC kunnen huisdiereigenaren ervoor kiezen hun overleden dieren te doneren aan de Universiteit Utrecht. Het overleden dier wordt dan geplastineerd en vervolgens gebruikt in het onderwijs van dierenartsen in spe.

Klik hier voor informatie over het DDC en over het doneren van overleden huisdieren.

Ex-proefkat adopteren

Net als bij honden, mogen enkele katten na hun dierproeven het laboratorium voor een huis inruilen. Ook bij het adopteren van een ex-proefkat geldt echter een streng selectieproces.

Het herplaatsen van een ex-proefkat gaat in Nederland voornamelijk via de Stichting Hulp en Herplaatsing Huisdieren (SHHH) . Heb jij interesse in het adopteren van een ex-proefkat? Neem dan een kijkje op deze pagina.

 

Wil je op de hoogte blijven van al het proefdiervrije nieuws? Schrijf je hier in voor de nieuwsbrief!